Extra renure nodig om druk op mestmarkt te verlagen
De productie van renure zal dit jaar niet groot genoeg zijn om de spanning op de mestmarkt weg te nemen. Die conclusie werd getrokken tijdens een webinar van het Nederlands Centrum voor Mestverwaarding (NCM).
Nederland moet de Europese regels rond renure nog verwerken in nationale wetgeving. De verwachting is dat dit rond de zomer is afgerond. Tot dat moment mag alleen renure uit de lopende pilots mineralenconcentraat en Kunstmestvrije Achterhoek worden toegepast via een overgangsregeling. Nieuwe producenten kunnen pas na de wetswijziging starten met de productie en toepassing.
De Europese Unie heeft het gebruik van renure inmiddels definitief toegestaan. Er mag 80 kilo stikstof uit renure per hectare worden benut bovenop de norm van 170 kilo stikstof uit dierlijke mest, als dit past binnen de stikstofbemestingsnorm van het gewas.
Voor grasland op veen buiten de met nutriënten verontreinigde gebieden geldt bijvoorbeeld een norm van 300 kilo stikstof per hectare per jaar. Wanneer 170 kilo stikstof uit dierlijke mest wordt gebruikt en de werkingscoëfficiënt 60 procent bedraagt, komt 102 kilo stikstof effectief op het land terecht.
Drie productieroutes
Momenteel zijn drie technieken toegestaan voor de productie van renure: 1) ammoniumzouten produceren via strippen en scrubben, 2) mineralenconcentraat maken met omgekeerde osmose en 3) struviet produceren, waarbij stikstof en fosfaat met magnesiumchloride worden gebonden. Daarbij moet het aandeel minerale stikstof, ureumstikstof en kristalgebonden stikstof toenemen ten opzichte van het totale stikstofgehalte.
Bij de bovengenoemde productieprocessen blijft ruimte over voor 198 kilo stikstof per hectare. Daarvan mag maximaal 80 kilo uit renure bestaan.
Renure moet een constante kwaliteit hebben en minimaal 3 procent stikstof bevatten op basis van droge stof. De maximale gehalten zijn vastgesteld op 300 milligram koper en 800 milligram zink per kilo droge stof.
Aanvullend onderzoek
Wanneer het organische-stofgehalte hoger is dan 1 procent, moet aanvullend onderzoek naar ziekteverwekkers plaatsvinden. Bij de drie momenteel toegestane processen is dit niet nodig.
Opslag, bemonstering en transport van renure moeten gescheiden plaatsvinden. Het uitrijden moet emissiearm en nauwkeurig gebeuren. Mengen met dierlijke mest is pas toegestaan op het moment van toediening op het land.
Producenten dienen zich te certificeren via Renugarant, het kwaliteitssysteem van Cumela Nederland. Dat is vergelijkbaar met Fertigarant voor dierlijke meststoffen. Vanaf de zomer kunnen ondernemers zich tijdelijk registreren bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Deze tijdelijke registratie geldt vermoedelijk tot het einde van dit jaar, waarna certificering verplicht wordt.
Pas na opname van renure in de Nederlandse wetgeving en na registratie of certificering, kunnen nieuwe producenten renure toepassen. Dat kunnen veehouders zijn met vaste of mobiele installaties, maar ook mestverwerkers.
Overgangsregeling en tekort aan capaciteit
Deelnemers aan de pilots mineralenconcentraat en Kunstmestvrije Achterhoek mogen hun geproduceerde renure voorlopig blijven inzetten via de overgangsregeling. Ook zij moeten zich uiteindelijk registreren of certificeren.
Volgens NCM-directeur Jan Roefs is de productiecapaciteit nog ontoereikend. 'De renureproductie van deze projecten is lang niet voldoende om de druk van de mestmarkt te halen. Alles bij elkaar produceren die momenteel zo'n 10 miljoen kilo stikstof als renure. Om de druk van de mestmarkt te halen, is nog ongeveer vijf keer deze capaciteit extra nodig.'
Die extra capaciteit zou vooral in het noorden van het land moeten worden gerealiseerd. 'Daar is de druk op de mestmarkt nu het grootst en de huidige renureproductie zit al in het zuiden. Er zijn projecten in ontwikkeling, maar dit jaar zal de benodigde extra capaciteit niet worden behaald', aldus de NCM-directeur.
Bekijk meer over:
Lees ook
Meest gelezen
Blogs
Bedrijf in Beeld
Partners
Stelling
Nieuws van NieuweOogst.nl


